Gedragsbeïnvloeding

 

Mensen reageren op elkaar. We hebben spiegelneuronen waarmee we ons kunnen identificeren met anderen (de één meer dan de ander) en ons gedrag lokt ander gedrag uit. Wijzelf laten ons ook beïnvloeden door anderen. De kunst is om je te realiseren welk effect je op anderen hebt en daar grip op te krijgen. Ook door andermans gedrag te herkennen en daar doordacht op te reageren, kan je helpen regie te houden over het contact.

 

Gedrag is besmettelijk: zodra jij niet lekker in je vel zit, zal de ander dat oppikken. Ben je blij, dan voelt de ander ook snel een positieve vibe.

Gedrag kan ook complementair zijn: als jij de leiding neemt, kan dat leiden tot volgend gedrag; toon jij je onderdanig, dan kan iemand anders de leiding nemen. Die rolverdeling moet wel met wederzijds goedvinden plaatshebben. Vindt de ander het ongepast dat jij leiding neemt, dan kan dat leiden tot weerstand (Hoezo bepaal jij wat ik moet doen volgende week?). Vindt de ander het ongepast dat jij je onderdanig opstelt omdat je niet weet hoe iets moet, kan dat ook leiden tot weerstand of afhaken (Update jij lekker even zelf je software). 

oefening

Oefening: denk terug aan situaties die niet lekker liepen. Waar in de roos zat je gesprekspartner. En jij? Had je iets kunnen doen om het anders te laten verlopen? Hoe zou je het volgende keer aanpakken?

 

 

De belangrijkste boodschap van de Roos van Leary is dat samenwerkend gedrag (wij gaan dit samen oplossen) leidt tot samenwerken en dat tegengedrag leidt tot strijd (ik weet het beter dan jij). Daarnaast kan leidend gedrag leiden tot onderdanig gedrag (maar dat hoeft niet) en onderdanig gedrag tot leidend gedrag (maar ook dat hoeft niet). In hiërarchische contexten zoals een ouder-kindrelatie is dat bijna vanzelfsprekend, net als in een docent-studentrol. Tot het moment dat het kind volwassen wordt en het gezag niet meer accepteert, of de student die vindt dat de docent onzin uitkraamt. Dan is er geen sprake meer van automatisch volgend gedrag. 

 

De kunst is om zoveel mogelijk in de rechterhelft van de Roos te blijven omdat samenwerking vaak de prettigste manier van interactie is.  

 

Een handig geheugensteuntje is:

Bovengedrag: ik ben ok, jij niet

Volwassengedrag: ik ben ok, jij ook

Ondergedrag: ik ben niet ok, jij wel

 

Zie ook de Transactionele Analyse verderop op deze pagina.

 

Als je uitstraalt dat jezelf ok bent maar je gesprekspartner ook, dan vinden je gesprekspartners het vaak prettig met je samenwerken.

filmpje met uitleg over Roos van Leary

Let op: de filmpjes zijn leuk maar de oplossing bij Koot en Bie is niet goed!

 

Koot en Bie: de moeder zit in boven-tegen (zij bepaalt alles en klaagt over het ontbreken van schoonzoon) en is zowel concurrerend als aanvallend (ik wil een schoonzoon, andere vriendinnen hebben ook een schoonzoon, ik wil dat je homo wordt); de zoon zit in onder-tegen: hij gedraagt zich bij moeder niet heel opstandig; stemt verbaal in maar onderhuids kookt hij wel. Als zijn moeder even niet luistert, zegt hij ook dat hij helemaal geen vriend wil maar een vriendin, omdat hij niet in opstand komt tegen zijn moeder blijft het ondergedrag.

 

 

Politieman: start aanvallend maar door gedrag fietser (leidend en samenwerkend) verandert de houding van de politieman plotsklaps. Hij wil zelfs geen bekeuring meer uitdelen. Door anderen gelijk te geven of niet te reageren zoals ze verwachten, kun je mensen uit hun evenwicht brengen. 

 

Zorg: verpleger is aanvallend. Patiënt soms opstandig, soms teruggetrokken.

 

goede voorbeelden
ik-wij in de praktijk

De uitdaging is voor jezelf op te komen en in verbinding te blijven met de ander.

 

Een aantal voorwaarden daarvoor zijn:

 

  1. Je moet gezond zijn en uitgerust. Zonder energie kun je niet goed voor jezelf zorgen.

  2. Je moet je bewust zijn wat mensen gelukkig maakt en rekening met elkaar houden. Niet alleen dingen doen die anderen willen, maar ook niet alleen dingen doen die je zelf wilt. De kunst is daar een balans in te vinden met jezelf en de ander.

  3. Je moet je bewust zijn van de manier waarop je je gedraagt en welke reactie dat oproept bij de ander. Zodra je weerstand ontmoet, wordt het tijd om weer verbinding te maken. De Roos van Leary of de Transactionele Analyse kunnen helpen je bewust te worden van communicatiepatronen en die te doorbreken. Heel simpel gezegd: als jij rustig blijft, respectvol reageert, dan zal je de ander positief beïnvloeden.

 

 

 

 

Steve Jobs reageert heel tactisch op een belediging uit het publiek. Rust nemen, de ander met respect behandelen, daarmee neem je weer leiding over het gesprek en neem je de wapens weg.

In de aangrijpende docu over een moeder die zelfmoord ambieert en van een flat springt, confronteert de achtergebleven dochter de artsen met hun weigering mee te werken aan euthanasie. Merk op hoe rustig ze blijft als ze de arts hoort zeggen dat de arts het niet aandurfde. Het gesprek kan voortduren omdat zij niet boos wordt maar oprecht vraagt hoe het kwam. Heel indrukwekkend voorbeeld van boven-samengedrag (fragment vanaf 42 minuten).

'Games people play' van Eric Berne (Transactionele Analyse) is een bekend boek over patronen waarin mensen vastzitten; een eye-opener is dat je eigen overtuiging vaak een 'game' kan zijn. 
Welke overtuiging ligt ten grondslag aan jouw gedrag? Wil je laten zien hoe goed je bent? Wil je laten zien hoe goed je anderen kunt helpen? Wil je laten zien hoe verantwoordelijk je bent? Wil je aardig gevonden worden? Als je je eigen overtuigingen onder de loep neemt, maak je je vrij om je patronen te doorbreken.

Verwant aan TA is de dramadriehoek van Karpman. Ook hier is het advies na te denken over je overtuigingen en te vragen waarom iemand iets doet in plaats van zelf conclusies te trekken. Let op: er wordt in deze theorie geen rekening gehouden met politiek (macht of jaloezie), hiërarchie en groepsdynamiek. Lang niet altijd is vragen naar het waarom effectief, alleen in situaties waarin er geen kwade opzet is.

Maar dat zul je dus wel eerst moeten nagaan.

Albert Ellis: Rational Emotive Therapy (RET)

Een manier om 'relaxter' met anderen om te gaan, is de ander positiever te bekijken (ik ben ok en jij bent ook ok).

Ellis spreekt van ABC (Activating event, behaviour, consequenses) en in het Nederlands is dat:

 

  1. Gebeurtenis

  2. Gedachte

  3. Gevoel

  4. Gedrag

  5. Gevolg

 

 

 

Bijvoorbeeld:

 

  1. Iemand snauwt naar je

  2. Jij denkt, wat een lul!

  3. Je krijgt een akelig gevoel

  4. Je gezicht vertrekt, je bent er niet meer bij

  5. Je vermijdt deze man

 

Maar dit kun je ook denken en doen:

 

  1. Iemand snauwt naar je

  2. Jij denkt: die heeft zeker ruzie met zijn vrouw

  3. Je vindt hem een beetje zielig

  4. Je vraagt wat er is

  5. Je hebt een gesprekje 

Oefening:

 

Denk aan mensen met wie het contact niet soepel verloopt. Welke gedachte heb je bij die mensen en hoe kun je positiever naar die mensen kijken? 

© Josje Kuenen, 2014-2020